De dag speelt zich af in de bergen bij de pas van Pajares. Eerst klim je naar het hoogste stuk, daarna begint het lange werk: dalen. Steil en urenlang. Het zijn niet je longen die het te verduren krijgen, maar je knieën en tenen. Ruim 1800 meter naar beneden, dat voel je.
Trekt de mist dicht of komt er regen, dan wordt het een zware dag. Je ziet weinig van de omgeving en elke stap vraagt extra aandacht. Met ruim 10 uur op de klok is het sowieso een lange dag. Gun jezelf pauzes.
Dan ligt La Pola de Lena beneden je. Je loopt het stadje in, zoekt de openbare albergue en zet eindelijk je rugzak neer.