Je loopt Rubiães binnen met zware benen en een tevreden hoofd. Het is een klein dorp, en na deze dag is dat precies goed. Even zitten, schoenen uit, kijken waar je vandaan komt.
Het begin vanochtend in Ponte de Lima was nog vriendelijk. Vlak land, tijd om wakker te worden. Dat is een lekker voorschot, want daarna trekt de weg omhoog. Ruim 300 meter klimmen, bijna aan één stuk, en dat voel je. Heb je eenmaal je ritme, dan gaat het beter dan je dacht. Na de top volgt een lange afdaling die vooral in de knieën zit. Wat bijblijft zijn de bosrijke heuvels, met het licht dat tussen de stammen door op het pad valt.