Je verlaat Sagres met de wind in je gezicht en de oceaan aan je zij. Dat blijft de hele dag zo: kale kliffen, lage struiken en baaien die zich om de zoveel kilometer openen.
Het is een lichte etappe. De klimmetjes zijn kort, het hoogste punt blijft laag en je loopt vrijwel steeds langs de rand van het land. Het pad kronkelt over rotsige stukken en door zachte zandstroken, die zwaarder in je kuiten zitten dan je denkt. Rond ruim vijf uur lopen, pauzes niet meegeteld. Salema ligt aan een brede baai, een oud vissersdorp waar je de rugzak neerzet en zo het water in kunt. Je hebt de tijd, dus gebruik hem.