Je schaduw valt lang over het grind, naast een rij jonge bomen die nog nauwelijks schaduw geven. Zo begint de dag: vlak, recht en open.
Dit is de meseta zoals je hem uit de verhalen kent. Bijna niets om te klimmen, bijna niets om te dalen, uren hetzelfde pad langs akkers en een weg. Voor je benen is dat mild. Je hoofd heeft het zwaarder, want met ruim zeven uur lopen draait het vooral om volhouden. In El Burgo Ranero en Reliegos kun je even zitten. Dan komt Mansilla de las Mulas, met een openbare pelgrimsherberg. Als je binnenloopt, ligt achter je de vlakte: graanvelden tot aan de einder, met het pad als een dunne streep erdoorheen.