Eucalyptusbossen, groene weilanden en smalle weggetjes langs losse boerderijen. De zee laat je achter je, het binnenland van Galicië neemt het over. Het landschap blijft heuvelachtig en nooit loop je lang vlak.
De dag bouwt op. Eerst klim je rustig, daarna komen er stukken waar je benen echt moeten werken. Ruim 500 meter omhoog is niet extreem, maar het blijft de hele dag aan je trekken. Het afdalen vraagt dan weer aandacht van je knieën. Neem de tijd, want je bent ruim zes uur onderweg.
Gondán is klein en stil. Je loopt het gehucht in, zet je rugzak af en trekt je schoenen uit. Meer hoeft er vandaag niet meer te gebeuren.